RA Gelderland ger. signaat Kesteren NB 102 fol. 20v, 17-07-1559 Exceptie, ingebracht door Christoffel van Elderen als man joffern Gerit van Groetfelt, ehrthijys huysfrouw gewesen van Walraven van Hattum; Derick Vonck als volm. van Walraven van Hattems onmundige kynderen; Job Janss cum suis, Schweer Dericks, Henrick Ponss; Arien van Oirt, volm. syns moders, en Margarita, Jan van Spithoevens weduwe, met haer kijnderen tegen de erffgenamen van den kinderen van Jan van Plees en Cathrinen van Uitwick. Anfenckelick als der verwerder exceptie antworden dat zij geen gebruicker als huyrlinghe van desen werdt und lant daerom questie doen, bij exhibitie van coopbrieven, daer doen en bewesen kunnen dat bij Johan van Hattum, der beclaechte voorsate, den weert gekoft en betaelt is van eynen Johan van Eck en Jonckvrouw Malsen E.L., inferierend dat zij derhalve van denselven weert proprietarii. De volm. van de cleger zegt: Er zijn 4 pachtcedulen, n.l. waerin Jan van Hattum en Alit E.L. van Margareta van Wilick in 1511 op den hilligen paessavont die alinghe bouwinge in pachtonge angenomen en gebruickt hebben. In 1521 hebben Johan van Hattum en Alit E.L. van Jofferen Beatrix van Oppendorp, frouwe tot Gossenich, dezelfde bouwing 12 jaer lanck aengenomen en in pachting gehat. Na affsterven van Johan van Hattum heeft zijn weduwe Alit in 1533 weer gepacht. In 1544 heeft domini Walraven van Hattum van joffer Beatrix vurs., wed. van Johan Schellartz van Oppendorp, de bouwing, gelegen in den kerspel van Inghen in pacht verkregen. De vrouwe van der Meher, der beclachten voersaete, pachtte de hof al in 1491. Johan van Hattum en zijn zonen zijn nakomelingen der vrouwe van der Mehr.
RA Gelderland ger. signaat Kesteren NB 102 fol. 404, 18-06-1565 Op dingtaell ts Jan van Spithoeven als voecht en bedtgedoen zijn natuirlicke dochter Ulant ter eenre en Jonff Gerit van Groetfelt, wed. Walravens van Hattem, mit horen Soen Walraven [van Hattem] en Johanna [van Hattem] hoer dochter, bij Walraven geprocreert, moeten verweerderen 200 tot profijt van Ulant betalen vermogens Walraven van Hattems sijn selffs getuichenis.
RA Gelderland ger. signaat Kesteren NB 102 fol. 405, 02-07-1565 Heymerick van Bemmel habet ordel ts Jonckfrouw Gerit van Grootfelt voor hem selven en als mombersche van (hier moet Walraven weggelaten zijn) en Johanna van Hattem oir onmundige kynderen, en Jan van Spythoeven namens Ulant.
RA Gelderland ger. signaat Kesteren NB 102 fol. 440v, 22-10-1565 Joffer Gerith van Groetfelt mit Christoffel van Elderenn, hoeren echten man, voer hoer selven en mede als mombersche van hoer onmundighen kijnderen bij Walraven van Hattem verkregen, aenclegerster, en Ulant, van Spijthovens natuerl. dochter, had claring begeert. Als zij bij eede verklaert niet geweten te hebben dat nae dode Bartolt van Heteren idt ordel aen Harman van Leeuwenn Jeriphaes bestaet is, zal zij de clarong genieten.
RA Gelderland ger. signaat Kesteren NB 103 fol. 16, 12-05-1566 Zondag 12 Mei 1566. Claerongh aen de kerckmuur tuschen Joffer Gerith van Grootfelt, wed. Z. Walraven van Hattem, mit hoeren Soen Walraven, Clegerse, en Ulant van Spithoeven. De claring is uitgesteld.
RA Gelderland ger. signaat Kesteren NB 103 fol. 37-37v, 23-06-1566 De Amptman claert op t vondenis ts Jan van Spijthoven als voecht en bedtgedoen zijn natuirlicke dochter Ulant ter eenre en Joffer Gerith van Groetfelt, wed. Z. Walravens van Hattem als boedelholster myt horen Soen Walraven [van Hattem] und Johanna [van Hattem] hoir dochter anderdeels, op 18 Juni 1565 tot Kesteren gewesen, en idt selve vondenis durch Christoffel van Elderen, man en momber van Jonff. Gerith van Groetfelt, sijn echte huysfrouwe, ther claronge geroepen, dat Christoffel en de voirkynderen zijner huysfr. aen Ulant binnen 6 weken betalen sullen de helft van 200 ph g.
RA Gelderland ger. signaat Kesteren NB 103 fol. 73v, 09-06-1567 Gisbert Geerloffss, volm. van Ulant, Jan van Spythovens natuirlicke dochter, spr. aen Willem van Noert, Dirrick van Noert, Reiner van Oirdt, Jan van Oert en Geert van Noert, hoirluiden suster, als mede erffgenamen van Johanna Sweer Loeffs dochter, hoer luiden moje, und seght hoe dat in leven geweest is Johanna Sweer Loeffz dochet, huisfr. van Walraven van Hattem. Johanna vurs. liet bij haer dood na tot hare rechten erffgenamen: Reiner van Noert, dese verweerders vader, en Jan van Spithoven en Jop en Gerit Janss, gebroders en Cornelia, hoir susters kynderen van Jan Sweers den alden, Henrick Pons, soen van Geert Loeffs, sweer Dirricxss und Jan Som als man en momber zijnder huisfrouwen kinderen van Cornelia Sweer Loeffs dochter, alle als erffgenamen van Johanna Sweer Loeffz dochter, haer luiden moye. Welcke Janna met Walraven van Hattem hoiren man Z. dese aenlegster gegeven und gemaickt hebben in horen leven 200 ph g, die men haer eijscheren geven en betalen soude ter lester doet van Walraven en Janna Sweer Loeffzdochter van allen horen greetzten guderen, die door doode van Walraven van Hattem und Johanna Sweer Loeffzdochter, E.L. achtergelaten mochten zijn, allet blickende bij de confessie van Walraven van Hattum uns Jan van Wijck den jonghe, geteikent met A. Nu is alsoe hoe dat dese aenlegster ijrst en voir all in rechten heeft gehat Joffer Geritz van Groetfeltz, weduwe Walravens van Hattem, Walraven van Hatttem und Jennicke hoir dochter als erffgen. Walravens van Hattem omme tot betalonge van de 200 g toe geraecken, soe dat bij Ritter und knechten gewesen und verclaert zij als dat de weduwe van Walraven van Hattum met horen kynderen betalen souden 100 ph g, t stuck van 27 st, blickende bij den vondenis, geteikent B. Heeft daeromme d aenlegster over de andere 100 ph g den erffgen. van Johanna Sweer Loeffz hoir guederen doen besetten omme alsoe tot betalinge van de 100 g te komen. Soe dat dese verweerders als wesende een recht 5 erfgen. voir hoir part, quoet und deell betalen sullen het recht 1/5 deell van de 100 ph g.